zaterdag 15 december 2018

Gambia




Over het algemeen wordt er hard gewerkt in Gambia. Dat doet soms nogal wat stof opwaaien. Helaas zorgt de zwaartekracht dat het stof ook weer nederdaalt.

Welcome in Gambia

Het is laat in de middag als wij na een vliegreis van acht uur, waarin de tussenlanding van twee uur in Dakar gratis bij de reissom is inbegrepen, landen in ons hotel in het mooie plaatsje Kotu. Na ons ingesmeerd te hebben met het antimuggenmiddel Deet kunnen we nog net even de omgeving verkennen. En in een nabijgelegen restaurantje eten. De maaltijd gebruiken wij samen met een malariatablet welke wij tot een week na onze vakantie dagelijks moeten slikken. Malariatabletten met grote kans op bijwerkingen waar we gelukkig geen last van hebben. In Gambia komt ook de gevaarlijke vorm van malaria voor Malaria Tropica en deze willen we niet als souvenir mee naar huis nemen. Vandaar dat wij ook slapen onder de door ons meegebrachte klamboe in het overigens uitstekende bed van ons hotel.
De volgende morgen worden wij al vroeg gewekt door heftig geroffel op ons golfplaten dak. Het blijkt een troep apen te zijn die zich in de omgeving van de schitterende tuin van het hotel ophoudt.
Droomstrand
Die eerste dag doen we het rustig aan en bezoeken het strand. Een strand waarvan wij dachten dat zulke stranden alleen in reisgidsen voorkomen. Maar hier blijkt het echt te zijn.
Dromen die wellicht eens uitkomen.
Ook Gambiaanse kinderen hebben strandplezier.
Vissers klaar om te gaan vissen

Altijd vrolijk.
Op het strand maken we kennis met de Gambianen. Nooit eerder hebben wij tijdens een vakantie zoveel handen geschud. Plotsklap blijken we er ruim twee miljoen vrienden bij te hebben. Sympathieke vrienden vaak met een brede smile. Allemaal benieuwd naar je naam en waar je vandaan komt. Hollanders zijn populair dat merken we ook als we een aantal keren een andere nationaliteit opgeven. Alleen bij Nederlander horen we de meest lovende woorden.


Big smile
Gambianen vinden het terecht niet prettig zomaar gefotografeerd te worden. Vooral niet bij de uitoefening van hun beroep (?). Vraag je eerst om toestemming dan is het vaak geen probleem.
Al onze foto's zijn dan ook gemaakt na toestemming van de geportretteerden.

Natuurlijk wil men ook graag verkopen. Maar geen belangstelling. No problem. De vriendelijkheid en sympathie blijft.
Onze eerste aankoop op het strand bamboe-olie (tegen zonnebrand) blijkt achteraf aan de dure kant. Ondanks dat wij ons in het afdingen als ervaren beschouwen gaan we even de mist in. Genoeg afgedongen maar nog onvoldoende de markt verkend­čśé.Maar we leren snel.
Uitstekende vruchtenssalades op het strand.

De eerste dag organiseert onze reisorganisatie een briefing waar diverse excursies aangeboden werden. Wij zien hier vanaf omdat wij ons eigen programma willen volgen. Thuis hebben we een aantal bezienswaardigheden geselecteerd en willen dat op eigen gelegenheid bezoeken. Daarbij is het wel handig een "gids" als begeleider mee te nemen. Dat is in Gambia niet zo moeilijk, zeker niet als je enige ervaring in de vreemde hebt. En zo lopen we Mousta tegen het lijf. Hij wil wel het een en ander voor ons regelen.

Mousta (om privacy redenen is zijn naam gefingeerd) neemt ons de eerste dag mee naar de heilige krokodillen pool bij Bakau Eerst bezoeken we daar het museum wat een goed beeld geeft van de historie van Gambia.

Een reus
Daarna via een pad met indrukwekkende tropische bomen naar de krokodillen. De krokodillen krijgen heel veel vis, zodat wij geen lekkere hapjes meer zijn en we de krokodillen mogen aaien, wat wij met enige terughoudenheid ook daadwerkelijk doen.

Een grote bek krijgen we nooit in Gambia.

Na deze happening controleren wij het aantal ledematen wat nog aanwezig is. En nadat wij geconstateerd hebben dat alles nog compleet is vertrekken wij naar Serrekunda.
We bezoeken hier een grote  markt, waar wij onze ogen uitkijken. Van alles te koop. Kleurrijk, druk en heel veel lawaai. Zonder meer een belevenis. Door alle indrukken zijn we na een uurtje knock-out en zijn we toe aan het zwembad bij ons hotel.
Vers vlees in de brandende zon.

Levend vlees.
Vliegen houden ook van vis.

Klaar om te eten

Sieraden te koop

Diverse noten maar vooral pinda's te koop.

Het vuilniswagentje


De volgende dag willen we James Island bezoeken. Dit eiland is bekend van de film Roots. Omdat het een weg is vol hobbels moeten we vroeg uit te veren. Normaliter worden excursies naar dit eiland uitgevoerd met een boottocht over de Gambia rivier. Mousta stelt echter voor eerst met de auto naar de haven te rijden en vervolgens met de ferry de Gambia rivier over te steken. Daar van auto te wisselen en het laatste stukje naar het eiland met een bootje. Wij hebben daar wel oren naar.
Zware lasten op de boot.
De oversteek met de ferry is een avontuur op zich. De boot is afgeladen met van alles en nog wat. Een drukke en vooral kleurrijke bedoening.

Kleurrijke outfit

De bagage soms torenhoog op het hoofd gestapeld.
Het mechaniek hapert af en toe. Eerst moet met een auto de "brug" naar de ferry naar beneden worden gedrukt.
Als er dan aansluiting is met de ferry kunnen we de boot verlaten.






Druk , heel druk.

Van alles wat.


Mousta heeft zelf geen rijbewijs, maar wel heel veel vrienden die wel een rijbewijs hebben. Elke dag wordt het vervoer afgestemd op waar we naar toe gaan. Vandaag met een 4WD. Want de weg is hoofdzakelijk een zandweg met heel veel kuilen. Dan is het toch prettig dat Mousta altijd weer betrouwbaar vervoer regelt in de middle of nowhere. Want via zo'n weg is dertig kilometer al als naar het einde der wereld.
Van verre lijkt onze komst al bekend. Overal staan kinderen langs de weg die bedelen om "sweeties"
Gelukkig is het vervoer wat Mousta regelt zeer betrouwbaar. We moeten er niet aan denken dat........

Op de plaats van bestemming nog een twintig minuten varen. Voor alle zekerheid gaat een verpleegkundige met ons mee. Het is niet alleen een schitterend eiland met de mooie baobabbomen, maar ook indrukwekkend in het besef wat zich hier afgespeeld heeft. Het antwoord van de plaatselijke gids op onze vraag hoe men tegen ons blanken aankijkt is er een van wijsheid.
"De geschiedenis heeft plaatsgevonden zoals het gebeurd is. Daar is nu niets meer aan te veranderen. We moeten nu samen verder."

Na het eiland bezoeken we het indrukwekkende slavenmuseum.
Wij kijken, zij kijken.
Een boertje komt terug met een pinda oogst.
Na deze indrukwekkende morgen is er nog tijd om via een omweg ergens een dorpje te bezoeken. Hier komen nauwelijks blanken. Dat is ook te merken aan de terughoudenheid van de kinderen. Bedeesd worden we bekeken. We mogen even binnenkijken bij een bejaard echtpaar. Het huisje bestaat uit een bescheiden kamertje met twee tweepersoonsbedden waar zeven mensen slapen. We geven het echtpaar een paar Dalasies (Gambiaanse munt). Als dank krijgen we een grote zak pinda's, die we aan het eind van onze vakantie aan ons kamermeisje schenken.

Kinderen zijn en blijven boeiend.

De leefomstandigheden zijn erg basic maar er is gelukkig wel genoeg voedsel.

Het is inmiddels laat in de middag en we moeten terug. Tegen donker komen we aan bij de ferry. De ferry vaart echter niet. Er zijn twee ferrys. Vanmorgen was er al een stuk, maar nu ook de ander. Dat wordt nog spannend, want hier blijven is geen optie en met een bootje de oversteek maken is duur en riskant. Eerst maar eens vragen naar een toilet voor een kleine boodschap. Over het toilet kunnen we  nog niet praten omdat het nog te kort geleden is. Laten we het maar op houden dat we voor de rest van ons leven een trauma voor openbare toiletten hebben opgelopen.
Gelukkig blijkt de ferry toch nog onverwachts te varen en kunnen we in het donker de oversteek maken.

De volgende dag naar het Makasuta natuurpark. Hier maken we een boottochtje over een kreek tussen de mangrove bossen. Vervolgens een stukje lopen door het oerwoud, waarbij we door een van de gidsen uitgebreid uitleg krijgen over wat er allemaal groeit en bloeit en vooral waarvoor het gebruikt kan worden.

Een grote termietenheuvel.
We komen dan bij een hutje van de medicijnman waar we voor een paar honderd Dalasies (paar euro's)  per persoon onze handpalmen kunnen laten lezen. De medicijnman houdt wel van effici├źntie, zodat wij kunnen volstaan met elkaars hand vast te houden en hij slechts de hand van een persoon hoeft te lezen. De medicijnman weet opmerkelijk veel van ons en weet een aantal van onze problemen te benoemen, waarna hij voor nog meer Dalasies ons een zalfje verstrekt en ter bescherming een JuJu, (een door hem bezworen takje aan een touwtje, die wij om ons middel moeten dragen of thuis in ons huis moeten ophangen ter bescherming tegen kwaadwillende geesten. Gelukkig voorspelt hij ons een lang en gelukkig leven. Dat we het maar weten.
Grote bladeren.

Hey Kiss me.
Terughoudenheid komen we weinig tegen bij Gambianen. Symbool voor deze spontaniteit is voor ons de plaatselijke mede (student) gids in het park. Achter op haar blouse in grote letters Hey Kiss me.
Als we bij het afscheid voor de grap opmerken dat we haar een volgende keer zullen kussen, worden we direct beloond met twee dikke zoenen op de wang.­čśŹ

Na een lunch op Paradise Beach, welke inderdaad paradijselijk is, gaan we verder naar de grootste vissersplaats in Gambia: Tanji. Een volgend hoogtepunt deze week, Ook hier kijken we onze ogen uit. Hoewel we ons ook wel weer afvragen of we ooit nog vis zullen eten.
Drukte van belang op het strand.
Vissersboten worden gelost.
Overal vis.

De vis wordt met manden van boord gehaald.

Hoge golven.

Volle netten.

Stapels gerookte vis enne ...afval.

Weer een dag voorbij.


Het is nu tijd om een dagje bij te komen. We bezoeken deze dag het Senegambia hotel in Kololi  met een meer dan de moeite waard zijnde tropische tuin, waar we tussen de middag ook het voeren van de gieren gadeslaan.
Twee miljoen vrienden is toch wat onoverzichtelijk. Inmiddels is Mousta ook een echte vriend geworden en staat hij voor ons symbool voor de vriendelijkheid en vriendschap van het Gambiaanse volk.
Mousta wil graag dat wij kennis maken met zijn familie en nodigt ons uit voor een maaltijd.
Hij woont in Serrekunda. De grootste stad van Gambia. Opvallend dat ook hier een paar wegen geasfalteerd zijn, maar dat het grootste gedeelte van de wegen zandpaden zijn voorzien van talloze kuilen.

Typisch straatje in Serrekunda.
Mousta woont binnen een compound. Een compound is een omheind pleintje met aan weerszijde een rijtje huizen. Hier woont hij met zijn familie.Trots laat hij zijn huisje zien. Zijn huis bestaat uit een klein kamertje met een matras op de grond. Een tafeltje met een stapel kleren en wat toiletartikelen. Een boekenkastje met enkele boeken in het engels en een kastje met twee tv's. Er is geen elektriciteit dus Mousta weet niet of de tv's het doen. Er wonen hier drie gezinnen en nog een paar mensen, waarvan wij niet precies de relatie weten, maar die ook als broers of zusters aangeduid worden. Als we naar het toilet moeten neemt Mousta ons mee naar de compound van de buren. Die hebben achter in de tuin een westers toilet. 
 
De vader van Mousta is de oudste binnen de compound en dus de baas. Wij schenken de vader van Mousta voor zijn gastvrijheid een zak rijst, waar de familie ongeveer drie weken van kan eten. De zak rijst wordt met enig ceremonieel vertoon overhandigd.

Allerlei groenten te koop
Met de schoonzusters van Mousta doen we boodschappen op de markt.
Met veel omhaal worden de ingredi├źnten voor de maaltijd ingekocht.

Best wel druk op de markt.

Wachten op klanten.

Een winkeltje.

Aardig

Hallo.
 
De maaltijd wordt gemaakt op twee houtvuurtjes
De pan wordt aan de buitenkant eerst ingesmeerd met modder ter bescherming van de pan
zodat na de afwas
"de buitenkant er weer uitziet als de binnenkant"

We helpen met groente snijden, mogen af en toe ook even roeren in de pan
en wachten af.

Eerlijk is eerlijk het eten is voortreffelijk.


We eten uit de gezamenlijke pot. Dit  om de verbondenheid te bezegelen. Voor ons zijn er een paar lepels. Had niet perse gehoeven, want we wilden ook wel met onze handen eten. Maar uit beleefdheid maken we gebruik van de aangeboden lepels.
 
Ook Gambia is kinderrijk.

We zijn dan ook blij dat we het nabij gelegen schooltje van de kinderen van de familie even mogen bezoeken. Het schooltje heeft drie klassen. De hoofdonderwijzer legt ons geduldig uit welke problemen het runnen van zo'n schooltje geeft.

We hebben ons geen moment verveeld deze vakantie. Anders hadden we altijd nog naar de bioscoop gekund.



We gaan nog wel even naar de grote veemarkt in Abuko.
En ook hier kijken we onze ogen uit.



Dieren in het wild hebben we niet zoveel gezien. Wel een paar mooie gekleurde vogels, maar dan wel van een afstand.

Af en toe grote mooie insecten.

Of een mooie vlinder.

Het wordt nu tijd naar huis te gaan.
We zullen de apen bij het hotel en op vele andere plaatsen missen.

We hebben veel gezien, maar misschien ook dingen over het hoofd gezien.
 

Gambia 
een warm land
en dan hebben we het zeker niet alleen
over de temperatuur.


©2018 www.barocknet.nl